Identificatie van banden met behulp van het OPS890 barcodeleessyeteem. Het systeem bestaat uit acht CLV490 lijnscanners die zo opgesteld zijn dat ze de barcode op de velg betrouwbaar kunnen detecteren. Het leessysteem wordt geactiveerd door twee WL18 fotocellen die X-vormig in de leeszone opgesteld worden. Twee bijkomende en boven elkaar gemonteerde WL18 fotocellen zorgen voor een snelle voorafgaande afstelling van de focus van de codelezer. Dankzij de grote detectiediepte van de toestellen is geen extra afstelling nodig.
Een robot plaatst twee dichtingsringen in injectoren. De robot neemt de injector van de transportband en plaatst deze in de recipiënt op de assemblagetafel. Een WT12L laser naderingssensor controleert op de aanwezigheid in de recipiënt en bepaalt de exacte positionering van de injectoren. De ringen worden aangevoerd via twee trillende transportbanden.WF vorksensoren geplaatst aan de uitgang van de transportbanden sturen de de transportbanden zodat er altijd ringen beschikbaar ziijn.IS05 inductieve naderingssensoren controleren of de ringen aanwezig zijn in de twee packstations. De robot neemt een ring met zijn draai-arm waaraan eindeffectoren bevestigd zijn en plaatst de ring in de injector. De eindeffectoren worden aangedreven door pneumatische cilinders. MZT6 magnetische cilindersensoren checken de positie van zuiger in de cilinder.Wanneer beide ringen geplaatst zijn, plaatst de robot de injector op de transportband. Vervolgens leest een ICR840-codelezer de tweedimensionale code die door een laser werd aangebracht (direct part marking) en zendt deze informatie door naar een centrale computer. Op deze manier wordt de kwaliteit gecontroleerd.